Navigeren

Zeppelins beschikten over kompassen, maar deze werden vaak negatief beïnvloed door de niet gedemagnetiseerde motoren. Daardoor waren er vaak navigatieproblemen.

Om dit te omzeilen werd er veelal genavigeerd op visuele punten op de grond.

Voor zeppelins die van in het Brusselse op Londen vlogen werd genavi-geerd op herkenningspunten. Van Brussel naar Gent was dit de spoorlijn Brussel-Gent. In Gent schakelde men over op de Brugsevaart (Gent-Brugge). Van Brugge focuste men op het zeer sterk lichtbaken van Oostende. Van aan de kust had men bij een heldere nacht zicht op de White Cliffs of Dover. Het is daarom dat bij mist boven Het Kanaal de missies afbrak omdat men de kliffen niet kon zien. Boven Dover zag me,n Londen liggen.

Voor de terugweg volgde men het omgekeerde scenario. Als er onder-tussen mist was opgestoken konden er daardoor problemen opsteken voor een veilige terugweg.

De Duitsers hadden een speciale eenheid om de zeppelins met pech in snel tempo te ontmantelen en om de onderdelen terug naar Duitsland te brengen, zodat deze stukken konden dienen bij de bouw van nieuwe luchtschepen.


Voor het bombarderen gebruikte men allerlei soorten granaten, soms gewoon deze die het leger op dat moment ter beschikking had.

De bommen werden opgehangen aan de open gondels of als ze niet te groot waren ook binnen de gondels bewaard en manueel gedropt.