Zeppelin LZ35

De nieuwe zeppelin die Gontrode vanuit Keulen als basis vervoegde  was de LZ35 van het Duitse leger.

In december 1914 ontving Commandant Masius het bevel over een nieuw gebouwd luchtschip, de Z.XIII. Maar bijgelovig als hij was verzocht hij het Duits Groot Hoofdkwartier het een ander nummer te geven daar hij over-tuigd was dat het onder deze benaming ongeluk zou brengen. Onder-handelingen in het Groot Hoofdkwartier leidden tot de volgende oplossing: Z. XIII werd LZ35, het 35ste door Zeppelin gebouwde luchtschip, dit indien men rekening hield met alle burger- leger- en marineluchtschepen door Zeppelin gebouwd.

De LZ35 was pas op 11 januari 1915 door de Zeppelinwerke van Frie-drichshafen, gelegen aan het meer van Konstanz (Bodensee) in Zuid-Duits-land, afgeleverd en korte tijd nadien overgevlogen naar Keulen. Van daar uit voerde de LZ35 op 21 februari 1915 aanvallen uit op Calais en andere Noord-Franse havens. Een aanval op Londen in de nacht van 10 op 11 maart werd afgelast wegens te sterke tegenwind. Een tweede poging op 17 maart onderging hetzelfde lot wegens de mist en sterke bewolking. Op de terugweg bombardeerde de begeleidende Zeppelin Z.XII telkens een ander doelwit, eerst Duinkerke en vervolgens Calais. Vanaf 21 februari 1915 had de leiding van de landmacht voor de raids op Londen de codenaam ‘Fetwa eins’ ingevoerd. Voor de berichtgeving hierover koos de OHL de eveneens religieus geïnspireerde codenaam ‘Jause’.

De LZ35 was wel succesvol in de nacht van 20 op 21 maart 1915, toen hij samen met de Z.X 1800 kg bommen kon lossen op Parijs volgens het traject Courbevoie - Place de la République - Montmartre - Saint-Denis. Bij deze raid was nog een derde luchtschip betrokken, nl. de S.II. Deze zeppelin moest zijn vlucht voortijdig afbreken en loste eerst nog 900 kg bommen op Compiègne alvorens terug te keren naar zijn thuishaven Trier. De LZ 35  werd gedurende die missie door het Franse afweergeschut te Noyon onder vuur genomen, maar ondanks 80 projectielinslagen landde het schip na elf en een half uur vlucht zonder problemen in Gontrode. 

Commandant Masius noteerde dit niet zonder trots in zijn logboek. Zep-pelin Z.X echter stortte neer bij Saint-Quentin. 

Na de succesvolle raid op Parijs werd een aanval op Poperinge-Cassel-Hazebrouck, belangrijke etappeplaatsen voor het Britse leger, gepland. Een eerste poging tijdens de nacht van 11 op 12 april 1915 werd afgelast wegens een te sterke noordoostenwind van 45 tot 55 km/h. Het gevaar bestond dat de zeppelin daardoor zou afdrijven boven vijandelijk gebied. De volgende nacht zwakte de wind af van 14 tot 21 km/h en werd besloten om uit te vliegen.

De LZ35 had Gontrode als thuishaven en voor zo’n korte missie volstond ca 200 liter benzine voor 10 uur vlucht, 6 uur volgens Masius. De bommenlast kon daardoor opgevoerd worden tot ruim 1600 kg: 25 bommen van 58 kg, 15 van 10 kg en 20 handgranaten van 800 gr elk.

De LZ35 steeg op in Gontrode om 22 u. Duitse tijd. In Tielt en Roeselare stonden lichtbakens die de vliegrichting naar Poperinge uitzetten. Het was een heldere sterrenhemel en van op 2.000 meter hoogte waren de lichtbakens van Brussel, Rijsel, Oostende en Steenbrugge goed te zien. Die laatste twee lichtbakens zetten voor luchtschepen de vliegroute naar de monding van de Theems uit. Bij het opstijgen werd ca. 2.400 kg aan ballast geloosd in de vorm van water (3 zakken water elk 600 kg, 7 bakken van 80 kg, 1 zak water van 40 kg).

Bij het overvliegen van Tielt om 23.50 u. zat men op een hoogte van 2.200 meter. Om 24 u. Duitse tijd overvloog de LZ 35 het front en werd be-schoten door infanterie en machinegeweerposten. Er waren vooral inslagen in het middelste deel van het luchtschip en op de loopgang.  Ook de oliehouder van een onderste gondel was door Frans infanteriegeschut doorboord, evenals de bodem en de zitplaats. De oliehouder kon gedicht worden.

Het machinegeweerplatform werd beschadigd en er was gasverlies waar-door de LZ 35 langzaam zakte. De hoop dat de binnenkort af te werpen bommenlast het gasverlies enigszins zou compenseren bleek onjuist. De LZ 35 steeg daardoor maar tot 2.200 meter. 

De LZ35 besloot over Bikschote terug te vliegen, maar het luchtschip werd bij het overvliegen van het front door Franse artillerie beschoten met brandgranaten. De LZ35 verloor snel hoogte. ‘Het luchtschip liet een lange rookstaart achter zich. De koeling van de voorste motor was door een voltreffer afgeschoten, en het schip onderging nog meer beschadigingen. Bij de terugvlucht kwam het schip tegen oostwind maar langzaam voorwaarts, de staart zonk steeds dieper en alles wat niet onontbeerlijk was werd uitgeworpen.’

Boven Roeselare (1.25 u.) stelde men vast dat vier gascellen volledig leeg-gelopen waren. Nu de laatste waterzakken leeg waren, gooide men andere ballast overboord, zelfs munitie voor de machinegeweren. Bovendien hing de LZ 35 schuin in de lucht en verloor daardoor ook snelheid. Krap en met veel geluk raakte men over de Duitse linies. De boeg van het schip richtte zich steeds meer naar boven en het schip draaide verschillende keren om zijn as. Om 1.50 u. volgde dan de onvermijdelijke crash vanop een hoogte van 2.400 meter in een dennenbosje bij Maria-Aalter (Aalterbrug), halfweg tussen Maldegem en Aalter. 

LZ35 vertrekkensklaar.




LZ35 na aankomst op zijn basis.




LZ35 in aanbouw.




De hangar van Gontrode nadat de Gotha-bommenwerpers 
de plaats van de zeppelins hadden ingenomen.